Oud zijn en jong voelen in het NieuwsBlog van Spreek met Freek

Oud zijn jong voelen

Flower Power in de botten

Oud zijn, jong leven is geen paradox, maar een levenshouding. Nederland schuift richting grijzer dan grijs. Niet een beetje zilver aan de slapen, maar full colour grijs: titanium knieën met festivalverhalen die nog ruiken naar wierook en nat gras. Een generatie met herinneringen vol muziek en bloemetjesranden rond de ziel. De babyboomers zijn met velen, zichtbaar, hoorbaar en vooral nog lang niet klaar. Ik ben er zelf ook één. Officieel oud volgens statistieken en beleidsnota’s, een doelgroep voor trapliften en comfortsandalen, terwijl vanbinnen de pick-up nog altijd op volle toeren draait. Wanneer ik koffie zet, hoor ik Bob Dylan op mijn platenspeler uit 1985 en bij het openslaan van de krant zindert ergens nog de echo van een protestlied. De geest van de sixties zit niet in een museum. Die woont in mijn borstkas en weigert huur te betalen.

Wij waren de generatie van spandoeken, bloemen in het haar en een hoofd vol ideeën over hoe de wereld anders kon. Er werd in parken geslapen, over revolutie gezongen en met verward haar behoorlijk optimistisch naar de toekomst gekeken. Vrije liefde, vrije geesten en muziek als bindweefsel van de mensheid. Niet omdat er eerst een lifestylecoach had uitgelegd dat dit goed voor ons welzijn was, maar omdat vrijheid ongeveer de bedoeling van het leven leek. Alles moest kunnen en ongeveer alles kon nog gebeuren. Een deel van ons gelooft dat stiekem nog steeds, alleen leven we inmiddels in een land waar agenda’s strakker zitten dan de broekspijpen van een Beatle in 1968. Mindfulness plan je in een timeblock-app en rebellie arriveert via de nieuwsbrief van je zorgverzekeraar. Toch klopt onder die strakgetrokken spreadsheets van het moderne bestaan nog altijd iets eigengereids dat verdacht veel naar patchouli ruikt en zachtjes blijft fluisteren: lang leve Lennon.

De spiegel en de swing

Ouder worden voelt soms als een gril van de natuur. Je staat ’s morgens in de badkamer, kijkt in de spiegel en vraagt je af wie die persoon met al die rimpels eigenlijk is. Vanbinnen klinkt Tom Jones met It’s Not Unusual en jagen The Stones je heupen nog moeiteloos richting dansvloer. Alleen je knieën protesteren zachtjes, als een jazzbandje dat nét buiten de maat speelt. De geest wil dansen en de botten kraken gezellig mee. Toch blijft ergens dat hardnekkige gevoel zitten dat jong zijn zich niet keurig laat beëindigen door een kalenderblad. De grijze golf wordt nogal graag beschreven als zorgvraag, kostenpost of toekomstig probleem, terwijl in al die grijze koppen complete levensbibliotheken rondlopen. Mensen die verandering niet uit een podcast kennen, maar haar gewoon een paar keer hebben meegemaakt.

Idealen blijken bovendien verrassend slecht houdbaarheidsdata te kunnen lezen. Ze veranderen, krijgen littekens en worden minder luidruchtig, maar verdwijnen lang niet altijd. We hebben rock-’n-roll niet alleen gehoord, we hebben hem meegemaakt en soms loopt hij nog gewoon met ons mee, al zingen we tegenwoordig wat zachter in de rij bij de apotheek. Oud zijn en jong leven betekent daarom niet doen alsof je nog twintig bent. Dat wordt voor iedereen vermoeiend, zeker voor je knieën. Leeftijd krijgt gewoon een ander ritme: soms trager, af en toe licht uit de maat, maar nog altijd vol klank, als een LP met een kras die precies op de goede plek blijft hangen.

Wanneer de spiegel iets anders beweert dan jij vanbinnen voelt, kun je natuurlijk een ernstig gesprek met je rimpels beginnen, maar je kunt ook plagend je tong uitsteken naar die reflectie. Die plooi bij je linkeroog is tenslotte geen productiefout; hij heeft een heel leven moeten bijhouden. Misschien ruikt hij nog een beetje naar Woodstock, misschien naar een feest waarvan je de volgende ochtend alleen nog wist dat er gedanst was. Je draait de volumeknop open, want jouw stereo heeft gelukkig nog knoppen die klikken, en de knieën wiegen mee terwijl ze piepen als een ongeoliede schommel uit 1977. Op papier ben je oud, maar papier heeft nooit kunnen dansen. Wanneer je ’s avonds met je rollator als danspartner en een theedoek om je hoofd door de woonkamer schuifelt, is dat daarom geen tragikomisch tafereel over ouder worden. Dat is gewoon zaterdagavond zolang ergens in jou het festival nog niet heeft besloten de tent af te breken.

Wakker worden en jong blijven vanbinnen bij Spreek met Freek

Muziek als geheugen

Neem nou de Flower Power-muziek. Muziek is geen decor, het is geheugen. Eén akkoord van Boudewijn de Groot en je zit weer in dat park, tussen nat gras en vrienden met open harten. Goedkope wijn als symbool van alles wat nog kon. Eén refrein van The Beatles en je weet weer hoe het voelde toen alles mogelijk leek: geen plan B, alleen de beat en het geloof dat de wereld best een eindje opgeschoven kon worden. Dat ritme is nooit helemaal verdwenen. Het zindert nog in de botten, zelfs wanneer de artrose inmiddels vrolijk meeklapt. Je zingt misschien zachter dan toen, maar het nummer kent je nog. Het zit onder je huid, in je loopritme en zelfs in hoe je koffie zet wanneer ergens uit de luidsprekers ineens dat ene akkoord binnenvalt. Elke dag draai ik mijn eigen muziekgolf op een installatie met knoppen die nog echt klikken, bijna alsof je een herinnering aanzet. Dan vult de kamer zich weer met stranden, nachten die veel te laat eindigden, wijn die nooit op leek te raken en een joint die minder om de roes draaide dan om het gevoel dat vrijheid gewoon ingeademd kon worden.

Juist daar zit de vreemde swing van ouder worden. Waar bloemen vroeger in ons haar zaten, staan de pillendoosjes nu soms keurig in de keukenkast en piept er een telefoon omdat iets op tijd ingenomen moet worden. Dat is geen reden om van het verleden een museumzaal te maken waarin je alleen nog zachtjes langs de vitrines schuifelt. Muziek trekt zich namelijk weinig aan van leeftijd. Een paar maten kunnen vijftig jaar zonder kaartje overslaan en je ineens terugzetten in een avond waarvan je dacht dat je alleen nog de datum vergeten was. Je hoeft daar niet opnieuw twintig voor te worden; dat zou bovendien een logistieke ramp zijn. Het mooie is juist dat al die jaren gewoon mee mogen luisteren. Misschien is dat wel waarom ergens vanbinnen dat oude bandje blijft doorspelen en zachtjes zingt: ik ben niet oud, ik ben geleefd. Laat de botten dan maar wat kraken. Zolang ze nog herkennen wanneer de beat inzet, is het festival kennelijk nog niet afgelopen.

Jong van geest, kaal als een biljartbal

Oud worden en toch jong blijven, je ziet het overal. Mensen van zeventig die met twinkelende ogen vertellen over hun eerste concert alsof ze gisteren nog vooraan stonden, en tachtigers die hun wandelstok bijna vergeten zodra een oud nummer op de radio begint. Er komt nog een danspasje uit. Wankel misschien, maar wel met overtuiging. Ruggen buigen, passen worden bedachtzamer en sommige knieën willen vooraf graag schriftelijk overleg, maar wat iemand werkelijk heeft beleefd laat zich niet zomaar uit het lijf wissen. Zeker niet wanneer het nog een beetje naar patchouli ruikt en klinkt alsof vrijheid ooit gewoon drie akkoorden nodig had.

Jongere generaties kunnen daar soms wat meewarig naar kijken. Laat die boomers maar, alsof een kale kruin automatisch betekent dat de binnenkant inmiddels ook is uitgezet. Onder die grijze haren, of op plekken waar het haar allang ontslag heeft genomen, zit vaak nog dezelfde dwarse geest. Nachtelijke gesprekken, muziek, liefdes, idealen en spandoeken die niet verdwenen zijn maar ergens onder de huid zijn opgeborgen. Ouder worden vertraagt het lichaam, niet automatisch alles wat erin woont. Een nieuwe telefoon kan je tegenwoordig drie wachtwoorden, een verificatiecode en je laatste restje zelfvertrouwen kosten, maar zet een oud protestlied aan en ineens komt zelfs de tweede stem nog boven. Wachtwoorden verdwijnen, herinneringen blijven.

Misschien kijken we daarom ook met enige verbazing naar kinderen en kleinkinderen die zich door agenda’s, apps en algoritmes laten opjagen. Niet omdat wij vroeger voortdurend verlicht op een grasveld lagen te filosoferen — er moest toen ook gewoon brood op tafel en maandag begon de baas weer — maar lege tijd mocht vaker nog gewoon leeg zijn. Wij waren offline voordat iemand daar een cursus van maakte. Je kon ergens zitten zonder ondertussen bereikbaar te zijn voor de rest van de planeet, op pad gaan zonder route-app en een middag laten gebeuren zonder vooraf te weten wat het rendement ervan was. Soms met een joint in de ene hand en een gedachte in de andere, soms gewoon met koffie en helemaal niets bijzonders. De klok tikte toen ook, natuurlijk, maar hij hoefde nog niet iedere vijf minuten te bewijzen dat je efficiënt met hem omging. Misschien is dát wat nog altijd jong voelt: niet terug willen naar vroeger, maar weigeren om ieder uur van het leven alvast netjes dicht te timmeren voordat het überhaupt begonnen is.

Hoe je ouder wordt zonder je oud te voelen

Wij groeiden op met het idee dat de wereld niet vaststond. Dat je mocht bouwen, hervormen, protesteren, veranderen en af en toe gewoon iets doen omdat het plezier gaf zonder eerst het maatschappelijk rendement uit te rekenen. Misschien zit daar nog steeds een stuk van dat jonge gevoel. Niet in doen alsof je twintig bent — daar prikken je knieën tegenwoordig vrij snel doorheen — maar in nieuwsgierig blijven, muziek hard genoeg zetten, blijven lachen, liefhebben, spelen en af en toe tegen iets aanschoppen waarvan iedereen beweert dat het nu eenmaal zo hoort. De kracht van een grijze generatie zit voor mij daarom niet in hoeveel jaren ze heeft verzameld, maar in hoeveel leven er nog tussen die jaren rondloopt.

We komen uit een tijd zonder apps die moesten vertellen of we voldoende hadden bewogen, ontspannen, geslapen of geademd. Inmiddels kun je mindfulness met abonnementskosten aanschaffen, zit vrijheid ergens in de cloud en vereist verbondenheid soms een wachtwoord dat je gisteren nog zeker wist. Natuurlijk was vroeger niet één groot grasveld vol bloemen, vrede en mensen die elkaar voortdurend diep in de ogen keken. Ook toen waren er zorgen, ruzies, rekeningen en maandagen waarop niemand bijzonder verlicht wakker werd. Maar we kennen nog wel het gevoel dat niet ieder leeg uur onmiddellijk gevuld hoefde te worden en dat samenzijn geen verbindingstest nodig had. Misschien is juist dát iets om niet kwijt te raken terwijl de wereld steeds sneller probeert uit te leggen hoe modern wij moeten worden.

De samenleving mag ons grijs noemen, tellen in beleidsnota’s en netjes onderbrengen in leeftijdsgrafieken. Ondertussen weten wij dat een geboortedatum weinig vertelt over wat er vanbinnen nog allemaal muziek staat te maken. Flower Power hoeft daarom geen relikwie uit een vitrinekast te worden. Ze kan rustig meegroeien, iets minder patchouli en tegenwoordig misschien wat meer tijgerbalsem, maar nog steeds met dezelfde eigenwijze ondertoon. Ouder worden is geen slotakkoord maar een rijker repertoire: de rust van nu naast de rebellie van toen, ervaring naast nieuwsgierigheid en een lichaam dat soms een toontje lager wil terwijl het hoofd alweer het volgende nummer heeft opgezet. Misschien is dat uiteindelijk oud zijn en jong leven: niet krampachtig vasthouden aan wie je was, maar zorgen dat wat jou altijd levend maakte niet stilletjes met pensioen gaat.

Kennismaken zonder wachtlijst

Als je na het lezen van deze NieuwsBlog merkt dat er iets in jouw leven niet goed voelt of vastzit, hoef je daar niet meteen een nette levensvraag van te maken. Soms weet je gewoon dat doorgaan zoals je nu doet weinig nieuws gaat opleveren. Ik ben Freek, coach en psycholoog uit Drachten, en al ruim 30 jaar praat ik met mensen over levensvragen, relaties en werkstress. In al die gesprekken heb ik geleerd dat het probleem lang niet altijd alleen zit in wat jij anders zou moeten doen. Daarom kijk ik ook naar wat bij jou ligt, wat er tussen mensen gebeurt en welke omstandigheden invloed blijven houden. Het leven past nu eenmaal zelden netjes in één doosje. Verwacht daarom geen etiket of standaardpraatje. Ik luister, vraag door, leg verbanden en zeg het wanneer ik denk dat iets anders zit dan jij tot nu toe dacht.

Kennismaken begint met een gratis en vrijblijvend gesprek van 60 minuten, in mijn praktijk aan huis in Drachten of online als dat beter past. Vooraf vul je een digitaal kennismakingsformulier in over wat er speelt en wat voor jou belangrijk is. Ik lees vooraf wat je levensvraag is, of waar het in je leven schuurt of vastzit, zodat we tijdens het gesprek meteen kunnen aansluiten. Minstens zo belangrijk is de klik: je ervaart hoe ik luister, doorvraag en reageer en of mijn manier van coachen bij je past. Past jouw levensvraag beter bij iemand anders, dan zeg ik dat. Heb je vooraf een korte vraag, dan bereik je me via de WhatsApp-knop. Vul hieronder je gegevens en levensvraag in en geef aan wanneer je wilt afspreken. Binnen 24 uur neem ik zelf contact met je op en plannen we een afspraak, overdag of ’s avonds en altijd binnen 2 weken.

Kleurrijke abstracte banner met twee gezichten bij de NieuwsBlog van Spreek met Freek.